• Mail: info@veertienkusjes.nl

Stil maar, je hoeft niet te huilen

800 587 Veertienkusjes
Mijn hart breekt

De auto rijdt het pad op en ik schrik van de hoeveelheid mensen. De kinderen kijken hun ogen uit en zien allemaal bekenden. “Hé, juf Saskia is er ook!” en Isa begint enthousiast te zwaaien. Stijn is een beetje beduusd door het aantal mensen en kruipt dicht tegen me aan.

Als we de auto uitstappen wordt alles klaargemaakt om Dennis naar binnen te dragen. Stijn speelt intussen met de steentjes op het pad en Isa staat al snel te knuffelen met juf Saskia.

Als Stijn even zijn hand op de kist legt hoor ik wat gesnotter achter me. Ik kijk om me heen en het verdriet overweldigd me. Ik voel ontzettend met iedereen mee. Alsof het mij allemaal niet overkomt. Mijn hart breekt bij het zien van al dat verdriet.

Ik zie Jeroen staan met rood omrande ogen en mijn hart breekt. Hij gaat vandaag zijn beste vriend begraven. Ik wil hem zo graag zeggen dat het goedkomt, maar dat komt het niet. Met een aai over zijn arm en een knikje laat ik hem weten met hem mee te leven. Ik voel zijn pijn.

Ik lach mee

Als we na de uitvaart met elkaar proosten op het leven van Dennis terwijl we naar filmpjes en foto’s kijken hoor ik weer wat mensen om me heen lachen. Allemaal mooie herinneringen komen voorbij en er wordt druk gepraat over de leuke gebeurtenissen. Ik lach her en der mee en probeer iedereen even gedag te zeggen.

Dan word ik gevraagd om verderop te gaan staan met de kinderen en de familie zodat het condoleren kan beginnen.

“Hé, jullie ook hier! Wat fijn dat jullie er zijn!” Ik wil weten hoe het gaat en nog even kletsen zoals we dat normaal ook doen. Er is geen tijd en de volgende komt naar me toe.

Ik ben er voor je hoor!

Dikke tranen en met dichtgeknepen keel van de emotie hoor ik: “Es, ik vind het zo erg voor je”. Ik vind het vreselijk om mijn vriendin zo te zien huilen en ik geef haar een liefdevolle knuffel. “Ik vind het ook zo erg voor jou”, zeg ik haar. Als ze verder loopt zeg ik nog even snel: “Ik ben er voor je hoor!”.

In de verte zie ik mijn drie vriendinnen staan die ik niet zoveel zie, maar waar ik lief en leed mee deel. Ik zie ze elkaar in de armen sluiten en huilen. Ik loop er snel heen om mijn armen om ze heen te slaan. “Meiden, we slaan ons hierdoor heen hoor!”. Na een paar opbeurende woorden ren ik terug naar mijn plek.

Als iedereen voorbij is laat ik me uitgeput in de stoel vallen. Mijn moeder komt naast me staan. “Gaat het lieverd?”, vraagt ze. “Ja hoor” en ik glimlach naar haar. Ik meen het. Ik voel me sterk en het gaat goed.

Het gaat om mijn man, mijn maatje…

Na vijf jaar besef ik mij pas in wat voor staat ik toen was. Ik heb me op dat moment helemaal niet gerealiseerd dat het om mijn man ging, mijn maatje, mijn alles. Alsof ik van een afstandje stond te kijken. Ik ben alleen maar bezig geweest met het verdriet van iedereen.

Misschien maar goed ook, want als ik het werkelijke verdriet had toegelaten….



  • 2
4 reacties

Laat een reactie achter

Je email zal niet worden gepubliceerd